Rječnik

Naučite glagole – hrvatski

cms/verbs-webp/102167684.webp
samanlikna
Dei samanliknar tala sine.
vergelijken
Ze vergelijken hun cijfers.
cms/verbs-webp/106608640.webp
bruke
Sjølv små barn bruker nettbrett.
gebruiken
Zelfs kleine kinderen gebruiken tablets.
cms/verbs-webp/79046155.webp
gjenta
Kan du gjenta det?
herhalen
Kun je dat alstublieft herhalen?
cms/verbs-webp/51573459.webp
leggje vekt på
Du kan leggje vekt på augo dine med god sminke.
benadrukken
Je kunt je ogen goed benadrukken met make-up.
cms/verbs-webp/99592722.webp
danne
Vi danner eit godt lag saman.
vormen
We vormen samen een goed team.
cms/verbs-webp/112407953.webp
lytte
Ho lyttar og høyrer ein lyd.
luisteren
Ze luistert en hoort een geluid.
cms/verbs-webp/101938684.webp
utføre
Han utfører reparasjonen.
uitvoeren
Hij voert de reparatie uit.
cms/verbs-webp/90773403.webp
følgje
Hunden min følgjer meg når eg joggar.
volgen
Mijn hond volgt me als ik jog.
cms/verbs-webp/129235808.webp
lytte
Han liker å lytte til magen til den gravide kona si.
luisteren
Hij luistert graag naar de buik van zijn zwangere vrouw.
cms/verbs-webp/118026524.webp
motta
Eg kan motta veldig raskt internett.
ontvangen
Ik kan zeer snel internet ontvangen.
cms/verbs-webp/129203514.webp
prate
Han pratar ofte med naboen sin.
kletsen
Hij kletst vaak met zijn buurman.
cms/verbs-webp/95543026.webp
delta
Han deltar i løpet.
deelnemen
Hij neemt deel aan de race.