Wortschatz
Lernen Sie Verben – Kurdisch (Kurmandschi)

skree
As jy gehoor wil word, moet jy jou boodskap hard skree.
schreeuwen
Als je gehoord wilt worden, moet je je boodschap luid schreeuwen.

verslaan
Die swakker hond is in die geveg verslaan.
verslagen worden
De zwakkere hond wordt verslagen in het gevecht.

jaag
Die cowboys jaag die beeste met perde.
drijven
De cowboys drijven het vee met paarden.

bestuur
Wie bestuur die geld in jou gesin?
beheren
Wie beheert het geld in jouw gezin?

soen
Hy soen die baba.
kussen
Hij kust de baby.

besit
Ek besit ’n rooi sportmotor.
bezitten
Ik bezit een rode sportwagen.

saamry
Mag ek saam met jou ry?
meerijden
Mag ik met je meerijden?

uitsien na
Kinders sien altyd uit na sneeu.
verheugen
Kinderen verheugen zich altijd op sneeuw.

wag
Ons moet nog ’n maand wag.
wachten
We moeten nog een maand wachten.

optrek
Die helikopter trek die twee mans op.
optrekken
De helikopter trekt de twee mannen omhoog.

belangstel
Ons kind stel baie belang in musiek.
geïnteresseerd zijn
Ons kind is erg geïnteresseerd in muziek.
