Բառապաշար

Սովորիր բայերը – Hungarian

cms/verbs-webp/32180347.webp
uit elkaar halen
Onze zoon haalt alles uit elkaar!
rozebrat
Náš syn všechno rozebírá!
cms/verbs-webp/109766229.webp
voelen
Hij voelt zich vaak alleen.
cítit
Často se cítí sám.
cms/verbs-webp/19351700.webp
voorzien
Strandstoelen worden voor de vakantiegangers voorzien.
poskytnout
Na dovolenou jsou poskytnuty lehátka.
cms/verbs-webp/82604141.webp
weggooien
Hij stapt op een weggegooide bananenschil.
vyhodit
Šlápne na vyhozenou banánovou slupku.
cms/verbs-webp/49853662.webp
schrijven op
De kunstenaars hebben op de hele muur geschreven.
napsat všude
Umělci napsali na celou zeď.
cms/verbs-webp/113842119.webp
voorbijgaan
De middeleeuwse periode is voorbijgegaan.
uplynout
Středověký období již uplynulo.
cms/verbs-webp/63351650.webp
annuleren
De vlucht is geannuleerd.
zrušit
Let je zrušen.
cms/verbs-webp/42111567.webp
een fout maken
Denk goed na zodat je geen fout maakt!
udělat chybu
Dobře přemýšlej, abys neudělal chybu!
cms/verbs-webp/119404727.webp
doen
Dat had je een uur geleden moeten doen!
dělat
Měl jste to udělat před hodinou!
cms/verbs-webp/102823465.webp
tonen
Ik kan een visum in mijn paspoort tonen.
ukázat
V pasu mohu ukázat vízum.
cms/verbs-webp/55788145.webp
bedekken
Het kind bedekt zijn oren.
zakrýt
Dítě zakrývá své uši.
cms/verbs-webp/17624512.webp
wennen aan
Kinderen moeten wennen aan het tandenpoetsen.
zvyknout si
Děti si musí zvyknout čistit si zuby.