Kosa kata
Pelajari Kata Kerja – Vietnam

beloon
Hy is met ’n medalje beloon.
belonen
Hij werd beloond met een medaille.

uitsluit
Die groep sluit hom uit.
uitsluiten
De groep sluit hem uit.

waag
Hulle het gewaag om uit die vliegtuig te spring.
durven
Ze durfden uit het vliegtuig te springen.

protes
Mense protes teen onreg.
protesteren
Mensen protesteren tegen onrecht.

hou van
Die kind hou van die nuwe speelding.
leuk vinden
Het kind vindt het nieuwe speelgoed leuk.

vertrou
Ons almal vertrou mekaar.
vertrouwen
We vertrouwen elkaar allemaal.

stem saam
Die bure kon nie oor die kleur saamstem nie.
eens zijn
De buren konden het niet eens worden over de kleur.

opdateer
Deesdae moet jy jou kennis voortdurend opdateer.
updaten
Tegenwoordig moet je je kennis voortdurend updaten.

uitdruk
Sy druk die suurlemoen uit.
uitknijpen
Ze knijpt de citroen uit.

stuur
Ek het vir jou ’n boodskap gestuur.
sturen
Ik heb je een bericht gestuurd.

mis
Sy het ’n belangrike afspraak gemis.
missen
Ze heeft een belangrijke afspraak gemist.
