Žodynas

Išmok veiksmažodžių – danų

cms/verbs-webp/107996282.webp
verwijzen
De leraar verwijst naar het voorbeeld op het bord.
referere
Læreren refererer til eksempelet på tavlen.
cms/verbs-webp/114379513.webp
bedekken
De waterlelies bedekken het water.
dekke
Vannliljene dekker vannet.
cms/verbs-webp/109542274.webp
doorlaten
Moeten vluchtelingen aan de grenzen worden doorgelaten?
slippe gjennom
Bør flyktninger slippes gjennom ved grensene?
cms/verbs-webp/109588921.webp
uitzetten
Ze zet de wekker uit.
slå av
Hun slår av vekkerklokken.
cms/verbs-webp/43532627.webp
wonen
Ze wonen in een gedeeld appartement.
bo
De bor i en delt leilighet.
cms/verbs-webp/98082968.webp
luisteren
Hij luistert naar haar.
lytte
Han lytter til henne.
cms/verbs-webp/101556029.webp
weigeren
Het kind weigert zijn eten.
nekte
Barnet nekter maten sin.
cms/verbs-webp/63351650.webp
annuleren
De vlucht is geannuleerd.
avlyse
Flyvningen er avlyst.
cms/verbs-webp/119952533.webp
smaken
Dit smaakt echt goed!
smake
Dette smaker virkelig godt!
cms/verbs-webp/123492574.webp
trainen
Professionele atleten moeten elke dag trainen.
trene
Profesjonelle idrettsutøvere må trene hver dag.
cms/verbs-webp/97593982.webp
bereiden
Er wordt een heerlijk ontbijt bereid!
forberede
En deilig frokost blir forberedt!
cms/verbs-webp/40326232.webp
begrijpen
Ik begreep eindelijk de taak!
forstå
Jeg forsto endelig oppgaven!