Vārdu krājums
holandiešu – Darbības vārdi Vingrinājums

doorlaten
Moeten vluchtelingen aan de grenzen worden doorgelaten?

toebehoren
Mijn vrouw behoort mij toe.

uitspreken
Ze wil zich uitspreken tegen haar vriend.

achterliggen
De tijd van haar jeugd ligt ver achter haar.

vereenvoudigen
Je moet ingewikkelde dingen voor kinderen vereenvoudigen.

begeleiden
De hond begeleidt hen.

accepteren
Ik kan dat niet veranderen, ik moet het accepteren.

wijken
Veel oude huizen moeten wijken voor de nieuwe.

houden
Je mag het geld houden.

elkaar aankijken
Ze keken elkaar lang aan.

helpen
Iedereen helpt de tent opzetten.
