शब्दसंग्रह

क्रियापद शिका – नॉर्वेजियन

cms/verbs-webp/120801514.webp
missen
Ik zal je zo erg missen!
extrañar
¡Te extrañaré mucho!
cms/verbs-webp/118826642.webp
uitleggen
Opa legt de wereld uit aan zijn kleinzoon.
explicar
El abuelo le explica el mundo a su nieto.
cms/verbs-webp/123844560.webp
beschermen
Een helm moet tegen ongelukken beschermen.
proteger
Se supone que un casco protege contra accidentes.
cms/verbs-webp/117658590.webp
uitsterven
Veel dieren zijn vandaag uitgestorven.
extinguirse
Hoy en día muchos animales se han extinguido.
cms/verbs-webp/129300323.webp
aanraken
De boer raakt zijn planten aan.
tocar
El agricultor toca sus plantas.
cms/verbs-webp/80332176.webp
onderstrepen
Hij onderstreepte zijn uitspraak.
subrayar
Él subrayó su declaración.
cms/verbs-webp/78309507.webp
uitknippen
De vormen moeten worden uitgeknipt.
recortar
Las formas necesitan ser recortadas.
cms/verbs-webp/100298227.webp
knuffelen
Hij knuffelt zijn oude vader.
abrazar
Él abraza a su viejo padre.
cms/verbs-webp/121928809.webp
versterken
Gymnastiek versterkt de spieren.
fortalecer
La gimnasia fortalece los músculos.
cms/verbs-webp/119404727.webp
doen
Dat had je een uur geleden moeten doen!
hacer
¡Deberías haberlo hecho hace una hora!
cms/verbs-webp/81025050.webp
vechten
De atleten vechten tegen elkaar.
luchar
Los atletas luchan entre sí.
cms/verbs-webp/119302514.webp
bellen
Het meisje belt haar vriendin.
llamar
La niña está llamando a su amiga.