Woordenlijst
Leer bijvoeglijke naamwoorden – Duits

winterlich
die winterliche Landschaft
winters
het winterse landschap

blau
blaue Weihnachtsbaumkugeln
blauw
blauwe kerstballen

üblich
ein üblicher Brautstrauß
gebruikelijk
een gebruikelijk bruidsboeket

direkt
ein direkter Treffer
direct
een directe hit

bereit
die bereiten Läufer
klaar
de klaarstaande hardlopers

alt
eine alte Dame
oud
een oude dame

verschieden
verschiedene Farbstifte
verschillend
verschillende kleurpotloden

männlich
ein männlicher Körper
mannelijk
een mannelijk lichaam

menschlich
eine menschliche Reaktion
menselijk
een menselijke reactie

schnell
der schnelle Abfahrtsläufer
snel
de snelle skiër

interessant
die interessante Flüssigkeit
interessant
de interessante vloeistof
