Woordenlijst
Leer werkwoorden – Grieks

elkaar aankijken
Ze keken elkaar lang aan.
elkaar aankijken
Ze keken elkaar lang aan.
смотреть друг на друга
Они смотрели друг на друга долгое время.

beginnen
De wandelaars begonnen vroeg in de ochtend.
beginnen
De wandelaars begonnen vroeg in de ochtend.
начинать
Путешественники начали рано утром.

terugbellen
Bel me morgen alstublieft terug.
terugbellen
Bel me morgen alstublieft terug.
перезвонить
Пожалуйста, перезвоните мне завтра.

veroorzaken
Te veel mensen veroorzaken snel chaos.
veroorzaken
Te veel mensen veroorzaken snel chaos.
вызывать
Слишком много людей быстро вызывает хаос.

gebruiken
We gebruiken gasmaskers in het vuur.
gebruiken
We gebruiken gasmaskers in het vuur.
использовать
Мы используем противогазы в огне.

openen
Kun je dit blikje voor me openen?
openen
Kun je dit blikje voor me openen?
открывать
Можешь, пожалуйста, открыть эту банку для меня?

ontvangen
Hij ontvangt een goed pensioen op oudere leeftijd.
ontvangen
Hij ontvangt een goed pensioen op oudere leeftijd.
получать
Он получает хорошую пенсию в старости.

willen
Hij wil te veel!
willen
Hij wil te veel!
хотеть
Он хочет слишком много!

aan de beurt komen
Even wachten, je komt zo aan de beurt!
aan de beurt komen
Even wachten, je komt zo aan de beurt!
дождаться
Пожалуйста, подождите, скоро ваша очередь!

geschikt zijn
Het pad is niet geschikt voor fietsers.
geschikt zijn
Het pad is niet geschikt voor fietsers.
подходить
Этот путь не подходит для велосипедистов.

durven
Ik durf niet in het water te springen.
durven
Ik durf niet in het water te springen.
осмеливаться
Я не осмеливаюсь прыгнуть в воду.
