Woordenlijst
Roemeens – Werkwoorden oefenen

verrijken
Specerijen verrijken ons eten.

beperken
Moet handel worden beperkt?

gebeuren
Er is iets ergs gebeurd.

ontslaan
De baas heeft hem ontslagen.

rondreizen
Ik heb veel rond de wereld gereisd.

aankomen
Veel mensen komen op vakantie met een camper aan.

kijken
Ze kijkt door een verrekijker.

rondrijden
De auto’s rijden in een cirkel rond.

opstaan
Ze kan niet meer zelfstandig opstaan.

beïnvloeden
Laat je niet door anderen beïnvloeden!

annuleren
Hij heeft helaas de vergadering geannuleerd.
