Vocabular
Învață verbele – Tigrină

laten staan
Vandaag moeten velen hun auto’s laten staan.
laten staan
Vandaag moeten velen hun auto’s laten staan.
ترك واقفًا
اليوم الكثير يجب عليهم ترك سياراتهم واقفة.

uitsluiten
De groep sluit hem uit.
uitsluiten
De groep sluit hem uit.
يستبعد
الفريق يستبعدُه.

uitknijpen
Ze knijpt de citroen uit.
uitknijpen
Ze knijpt de citroen uit.
عصر
تعصر الليمون.

bedekken
Ze bedekt haar gezicht.
bedekken
Ze bedekt haar gezicht.
تغطي
هي تغطي وجهها.

liggen
Ze waren moe en gingen liggen.
liggen
Ze waren moe en gingen liggen.
اضطجع
كانوا متعبين فاضطجعوا.

wekken
De wekker wekt haar om 10 uur ’s ochtends.
wekken
De wekker wekt haar om 10 uur ’s ochtends.
استيقظ
المنبه يوقظها في الساعة 10 صباحًا.

antwoorden
De student beantwoordt de vraag.
antwoorden
De student beantwoordt de vraag.
أجاب
الطالب أجاب على السؤال.

vertrekken
Het schip vertrekt uit de haven.
vertrekken
Het schip vertrekt uit de haven.
تغادر
السفينة تغادر الميناء.

roepen
De jongen roept zo luid als hij kan.
roepen
De jongen roept zo luid als hij kan.
يصرخ
الصبي يصرخ بأعلى صوته.

drinken
Ze drinkt thee.
drinken
Ze drinkt thee.
تشرب
هي تشرب الشاي.

vervoeren
De vrachtwagen vervoert de goederen.
vervoeren
De vrachtwagen vervoert de goederen.
نقل
الشاحنة تنقل البضائع.
