ذخیرہ الفاظ
فعل سیکھیں – البانوی

bedekken
Het kind bedekt zijn oren.
cover
The child covers its ears.

sturen
Hij stuurt een brief.
send
He is sending a letter.

verwijderen
Onkruid moet verwijderd worden.
pull out
Weeds need to be pulled out.

opletten
Men moet opletten voor de verkeersborden.
pay attention
One must pay attention to the road signs.

uitzetten
Ze zet de elektriciteit uit.
turn off
She turns off the electricity.

vrezen
We vrezen dat de persoon ernstig gewond is.
fear
We fear that the person is seriously injured.

tentoonstellen
Hier wordt moderne kunst tentoongesteld.
exhibit
Modern art is exhibited here.

doden
Ik zal de vlieg doden!
kill
I will kill the fly!

vertalen
Hij kan tussen zes talen vertalen.
translate
He can translate between six languages.

annuleren
Hij heeft helaas de vergadering geannuleerd.
cancel
He unfortunately canceled the meeting.

beïnvloeden
Laat je niet door anderen beïnvloeden!
influence
Don’t let yourself be influenced by others!
